Welke schuld kun je het beste eerst aflossen?
Kun je al je afgesproken betalingen doen en heb je geld over? Dan bespaar je onder gelijke voorwaarden de meeste rente door extra af te lossen op de schuld met het hoogste rentepercentage. Wil je eerder een lening uit je overzicht wegstrepen? Dan kun je beginnen met de kleinste schuld.
Het gaat hierbij om je extra geld. De gewone termijnen op je andere leningen blijf je betalen.
Eerst controleren: zijn er betalingsproblemen?
Loop je achter met huur, energie of andere rekeningen? Of kun je een afgesproken termijn niet betalen? Kijk dan eerst naar die situatie. De gevolgen van een gemiste betaling kunnen belangrijker zijn dan het renteverschil tussen leningen.
Neem contact op met de betreffende organisatie en vraag hulp bij Geldfit of je gemeente. De vergelijking hieronder gaat over leningen waarvan je de afgesproken betalingen kunt blijven doen.
Methode 1. De hoogste rente eerst
Zet je leningen op volgorde van rentepercentage, van hoog naar laag. Betaal op alle leningen de afgesproken termijn en zet je extra bedrag op de lening met het hoogste percentage.
Waarom? Een extra euro aflossing voorkomt bij een hoger rentepercentage meer rente per periode. MoneyHelper legt dit principe uit.
Dit wordt ook de lawinemethode genoemd. Het rentevoordeel geldt bij een gelijk totaal betaalbudget, vaste rentetarieven en zonder afwijkende kosten of beperkingen. Veranderen die voorwaarden, dan moet je opnieuw vergelijken.
Methode 2. De kleinste schuld eerst
Zet je leningen op volgorde van openstaand bedrag, van klein naar groot. Je extra geld gaat naar de kleinste schuld.
Zodra deze is afbetaald, gebruik je het vrijgekomen maandbedrag voor de volgende schuld. Dit heet de sneeuwbalmethode. Een afgeronde lening kan een zichtbaar tussendoel zijn dat je helpt om door te gaan.
Daar staat tegenover dat een lening met hoge rente langer kan blijven lopen. Daardoor kun je meer rente betalen dan wanneer je met de hoogste rente begint.
Voorbeeld: drie leningen
| Lening | Openstaand | Rente per jaar | Maandbedrag |
|---|---|---|---|
| A | € 800 | 5% | € 50 |
| B | € 3.000 | 12% | € 100 |
| C | € 8.000 | 7% | € 180 |
Je betaalt samen € 330 per maand en hebt € 100 extra beschikbaar.
Bij hoogste rente eerst gaat die extra € 100 naar lening B. Je betaalt dan € 50 op A, € 200 op B en € 180 op C. De volgorde is B, C, A.
Bij kleinste schuld eerst gaat die extra € 100 naar lening A. Je betaalt dan € 150 op A, € 100 op B en € 180 op C. De volgorde is A, B, C.
In beide gevallen betaal je in totaal € 430 per maand. Alleen de verdeling verschilt. Het voorbeeld laat de startverdeling zien; het voorspelt geen einddatum.
Is de grootste schuld niet het belangrijkst?
Een grote lening kan per maand de meeste euro’s rente kosten. Toch hoeft die niet de beste plek voor extra aflossen te zijn.
In het voorbeeld kost lening C bij benadering € 560 rente per jaar als de schuld een heel jaar gelijk zou blijven. Lening B kost dan € 360. Maar € 100 extra aflossen op B voorkomt op jaarbasis € 12 rente, tegenover € 7 op C, zolang die € 100 anders het hele jaar zou blijven openstaan. In een echt aflosplan veranderen de bedragen maandelijks.
Vergelijk dus het rentepercentage voor het effect van je extra aflossing, niet alleen het totale rentebedrag.
Kun je later van methode veranderen?
Ja. Je kunt eerst een kleine schuld afronden en daarna kiezen voor de hoogste rente. Bereken vervolgens opnieuw wat dat doet met je kosten en einddatum. Wisselen maakt een plan niet automatisch voordeliger, maar een plan moet ook uitvoerbaar blijven.
Wat doe je als een lening klaar is?
Beslis of je het vrijgekomen maandbedrag kunt blijven inzetten. Doorzetten kan bij beide methoden. Je hoeft daarvoor dus niet altijd met de kleinste schuld te beginnen.
Lees hoe je vrijgekomen maandbedragen doorzet of ga terug naar het complete stappenplan.